‘Ambitie, efficiëntie en hard werken zijn heilig, maar waar doen we het eigenlijk voor?’

‘Degrowth wordt vaak gelinkt aan de planetaire grenzen en ecologische draagkracht van de aarde, maar degrowth is evenzeer een gezonde reactie op een economisch systeem dat onze menselijke draagkracht aantast’, schrijven Elze Vermaas en Lara Ferrante van de ecologische denktank Oikos. Deze bijdrage maakt deel uit van de zomerreeks De Doordenkers van Knack.be: Loon naar Werken.

Meer en meer jongeren veranderen tegenwoordig sneller van job en zijn actief op zoek naar een goede balans tussen werk en privé. Trends als ‘quiet quitting’ gaan viraal onder Gen Z. ‘Quiet quitters’ zijn jonge werknemers die zich verzetten tegen de cultuur om lange dagen te kloppen op het werk. In de plaats daarvan kiezen ze er actief voor om uit de ratrace te stappen en het rustiger aan te doen. Ze doen net genoeg om bij te blijven, verlaten het werk op tijd en zijn niet meer bereikbaar na de werkuren. Het past ook allemaal binnen de algemene trend van mensen die, sinds de coronapandemie, hun werk in vraag zijn beginnen stellen.

Alarmerende cijfers

Verschillende cijfers bevestigen dat er iets verkeerd zit met onze balans tussen productiviteit en ontspanning, of met onze maatschappij die te veel draait om presteren.

We zien dat het aantal geestelijke gezondheidsproblemen, zoals depressies en burn-outs, explodeert en dat mensen steeds minder zingeving vinden in hun werk. Er zijn vandaag al bijna een half miljoen langdurig zieken in België en uit cijfers van de Onafhankelijke Ziekenfondsen blijkt dat het aantal burn-outs met 66 procent steeg tussen 2018 en 2021. Volgens een onderzoek van de UGent geeft 22% van de werknemers aan dat ze niet uitgerust geraken nadat ze gewerkt hebben en voelen 1 op 6 werknemers zich ‘vaak tot altijd’ mentaal uitgeput en een even groot deel ‘vaak tot altijd’ fysiek uitgeput. Daarnaast slapen we ook minder goed. Het gebruik van slaapmedicatie stijgt al twintig jaar en deze trend is ook zichtbaar bij jongeren.

Deze cijfers zijn alarmerend, maar slaan niet louter op problemen die optreden door het werk. We zien namelijk ook dat we al jaren steeds minder uren per week gaan werken. Het is dus duidelijk dat deze gezondheidsproblemen een gevolg zijn, niet alleen van het werken zelf, maar van een volledige levensstijl die ons uitput. We nemen te weinig tijd voor rustmomenten, analyseert professor arbeidsgeneeskunde Lode Godderis. De druk om constant ‘productief’ te zijn of voortdurend te consumeren en te ‘beleven’ is hoog. Die druk wordt mede opgevoerd door advertenties en sociale media die ons verleiden om onze vrije tijd consumerend door te brengen, of zo lang mogelijk op sociale media zelf door te brengen zodat grote techbedrijven extra kunnen cashen.

We leven meer en meer in een prestatiemaatschappij, waarin we al onze activiteiten veranderen in meetbare prestaties. We moeten niet alleen op het werk steeds meer presteren en efficiënter zijn, maar ook daarbuiten. Het lijkt nooit goed genoeg en ‘druk zijn’ is intussen een statussymbool. Ambitie, efficiëntie en hard werken zijn heilig, maar waar doen we het eigenlijk voor?

Het ontredderde antwoord zou weleens kunnen zijn: enkel om de groeicijfers van onze economie positief te laten uitslaan. Maar het economisch systeem waar we in (vast) zitten heeft lak aan limieten, althans zo is het ontworpen. Het erkent de planetaire grenzen niet en erkent ook onze emotionele, mentale en fysieke limieten niet. Er is uiteraard een grens aan wat we als mens kunnen dragen.

Het is dus duidelijk dat deze gezondheidsproblemen een gevolg zijn, niet alleen van het werken zelf, maar van een volledige levensstijl die ons uitput.


Wat zegt dit over onze maatschappij?

Burn-outs, depressies, uitputting en de algehele prestatiemaatschappij komen voort uit een systeem dat steeds maar blijft aansturen op (economische) groei, zowel op het werk als daarbuiten. Een kapitalistisch systeem heeft er alle baat bij dat wij steeds meer produceren en consumeren en nooit eens stilstaan om te rusten of helemaal niets te doen. In die zin is rusten een vorm van verzet tegen het kapitalistische systeem, zoals Tricia Hersey omschrijft in haar manifest Rest is Resistance. De tijd waarin we niks doen is juist enorm belangrijk om te helen of onze creativiteit aan te wakkeren. We moeten ook uitkijken om rust niet opnieuw te zien als iets dat enkel dient om daarna terug productiever te zijn op het werk. Hersey stelt eveneens dat ons is aangeleerd dat hoe meer we doen, hoe meer ‘waarde’ we hebben. Dit narratief past naadloos binnen het huidige kapitalistische systeem dat almaar meer moet groeien, terwijl het zeer de vraag is of het onszelf ten goede komt. Waarom zouden we eigenlijk steeds productiever moeten willen worden, binnen én buiten het werk?

Pleidooi voor degrowth

Degrowth wordt vaak gelinkt aan de planetaire grenzen en ecologische draagkracht van de aarde, maar degrowth is evenzeer een gezonde reactie op een economisch systeem dat onze menselijke draagkracht aantast.

Als we ons economisch systeem zo ontwerpen dat de groeidrift niet langer boven alles wordt geplaatst, dan stoppen we niet alleen de afbraak van onze natuur, maar zorgen we ook voor onszelf en creëren we ruimte om voor elkaar te zorgen. Aangezien precies deze zaken, van zorg en wederkerigheid, ondergewaardeerd worden in ons huidige systeem.

Het idee dat we telkens meer van onszelf moeten vragen, omdat ons economisch systeem nu eenmaal moet groeien, komt onszelf niet ten goede.


In het huidig economisch model zal er altijd gezocht worden naar een verhoging van de productiviteit aangezien dit een van de beste manieren is om de winst te verhogen. Los van direct de productiviteit van werknemers op te voeren – dat in excessen leidt tot situaties zoals bij Amazon waar de werknemers luiers dragen omdat ze geen tijd krijgen om naar de wc te gaan en dan vaak na 8 maanden zijn opgebrand – zal de arbeidsproductiviteit ook altijd langzaam verbeteren door technologische innovatie. De logica is dan dat de economie moet groeien om te zorgen dat mensen die hun baan verliezen door deze innovaties toch weer een nieuwe baan kunnen vinden. Dit staat haaks op wat een van de grondleggers van onze huidige economie, John Manyard Keynes, in 1932 voor ogen had over de toekomst: “Een tijd waarin we allemaal minder uren werken, we stoppen met de eindeloze zoektocht om het inkomen te verhogen en meer tijd zouden doorbrengen met familie, vrienden en de gemeenschap.”

Hij dacht dus dat de economie zelf tot een soort rustpunt van genoeg zou komen, maar helaas blijkt het tegendeel waar. Degrowth laat zien dat in reactie op technologische innovaties die de efficiëntie verhogen, we ook kunnen kiezen om allemaal minder uren te werken en meer tijd te hebben voor rustmomenten. Een onderzoek in IJsland laat zien dat dit kan. Het verminderen van de werkuren zorgde niet voor minder productiviteit en zorgde voor gelukkigere en gezondere werknemers. In een kortere werkweek wordt de focus verlegd van het aantal uren dat je moet werken naar het werk dat moet gebeuren, anders gezegd, van ‘bezig zijn’ naar het juiste werk. Werknemers gaven zelf aan minder stress te ervaren en meer tijd en energie te hebben voor hobby’s, sport en vrienden en familie.

Het idee dat we telkens meer van onszelf moeten vragen, omdat ons economisch systeem nu eenmaal moet groeien, komt onszelf niet ten goede. In plaats van te streven naar méér werk, méér arbeidsproductiviteit, méér consumptie om te ‘ontspannen’ en daaraan gekoppeld méér stress, méér klachten van burn-out en slaapproblemen, zouden we ons moeten laten inspireren door ecosystemen en balans centraal zetten. Stel je een economie van wederkerigheid voor, die de menselijke maat centraal stelt en daarmee onze limieten respecteert, ons niet verleidt met advertenties om onze vrije tijd enkel al consumerend door te brengen, maar ons de ruimte geeft die tijd door te brengen in rust met onszelf en met onze geliefden en hobby’s.

 

Elze Vermaas is medewerker bij Oikos. Het afgelopen jaar was ze vice-voorzitter van het Jong Wetenschappelijk Bureau GroenLinks.

Lara Ferrante is medewerker bij Oikos. Ze is afgestudeerd als ingenieur-architect en behaalde ook een master in Conflict & Development, waarin ze een masterproef schreef over degrowth. 

 

Dit stuk verscheen in Knack op 09/08/2023.

×
×

Winkelmand