logo

%PM, %17 %580 %2015 %12:%sept

Bt-Katoen en zelfdodingen in India

Written by
Rate this item
(4 votes)

 

Er is vermoedelijk geen groter en emotioneler symbooldossier in het ggo-debat dan de hoge zelfdodingscijfers bij Indiase landbouwers. Elk jaar beroven 137,000 Indiërs zich van het leven, een dikke 10 % daarvan zijn landbouwers. Bovendien komen zelfdodingen onder landbouwers er meer voor in bepaalde regio’s dan in andere: 5 op 29 Indiase staten (Maharashtra, Andhra Pradesh, Karnataka, Madhya Pradesh en Kerala) nemen meer dan drie kwart (10.486 in 2012) van de zelfdodingen onder landbouwers voor hun rekening.Die staten produceerden in 2012 ook meer dan 55 % van de nationale katoenproductie. De Indiase katoenteelt heeft de laatste jaren ingrijpende wijzigingen ondergaan door de introductie van zogenaamde Bt-variëteiten. Dit zijn genetisch gemodificeerde katoenplanten die een insectendodend eiwit produceren en in de Indiase katoenteelt werden geïntroduceerd als antwoord op de pink bollworm, een mot waarvan de larve zich in de onrijpe katoenvruchten boort en onherstelbare schade aanricht aan zowel de katoenvezel als aan de zaden (die vaak voor haar olie worden geoogst).

De introductie van Bt-katoen in India kent een opmerkelijke geschiedenis. Pas in 2002 begon het agroconcern Monsanto met de introductie van Bt-katoen in India. Vandaag controleert het bedrijf 95 % van de katoenzaadmarkt in het land o.a. via licenties aan 60 Indiase zaaigoedbedrijven. De prijs van het zaaigoed is daarbij (o.a. als gevolg van de monopolisering) spectaculair gestegen van 8 Rp (€ 0,11) per kg voor traditioneel niet-hybride zaad tot 3.600 Rp (€ 50) per kg voor de tweede generatie Bt hybride katoenzaad (‘Bollgard II Bt cotton’). Samen met pesticides (die ook bij Bt-katoen voor andere plagen nodig zijn) hebben die voor een aanzienlijke stijging van de productiekosten in de Indiase katoenteelt gezorgd. Landbouwers gaan hierdoor leningen aan, maar misoogsten door droogtes, onaangepaste variëteiten en teeltpraktijken zorgen voor vaak tegenvallende en sterk variërende opbrengsten, waardoor de schuldengraad bij vele landbouwers torenhoog kan oplopen. Hoewel de motieven voor zelfdoding meestal veelgelaagd en complex zijn en tussen personen heel sterk verschillen, stellen weinigen de link tussen de verhoogde schuldengraad en toenemende zelfdodingscijfers bij Indiase boeren in vraag. Activisten zoals Dr. Vandana Shiva (stichter van Shiva Navdanya, een nationale beweging die opkomt voor de diversiteit en integriteit van inheemse zaden, en die zich bijzonder kritisch opstelt voor de negatieve effecten van de Groene Revolutie uit de jaren ’70 en ‘80 op de ecologische en socio-economische ontwikkelingen in India) laten niet na de zelfdodingen te linken aan de introductie van Bt-katoen in India. Dit zorgde de voorbije jaren - niet in het minst door de beladenheid van het thema - voor verhitte en gepolariseerde discussies tussen ggo-tegenstanders die in Bt-katoen een bevestiging zien van een zoveelste ‘valse belofte’ van biotechnologie die in werkelijkheid kleine telers tot wanhoop drijft, en ggo-voorstanders die dergelijke claims van de hand wijzen omdat de schuldengraad zou te wijten zijn aan tegenvallende omgevingsfactoren en omdat een aantal studies1,2,3,6,7,8,9 een positieve economische impact van Bt-katoen op rurale huishoudens in India aangeven.

De ggo-voorstanders voelden zich de voorbije 3 jaar gesteund door een studie4 van het gerenommeerde IFPRI (International Food Policy Research Institute) die aantoonde dat sinds de introductie van Bt-katoen in India geen significante stijging is vastgesteld in het aantal zelfdodingen bij landbouwers. Hoewel ggo-voorstanders vaak hameren op het gebruik van wetenschappelijke correcte methodes, analyses en interpretaties in het debat, is de analyse van de Indiase katoensector in de IFPRI-studie onvolledig. Er wordt bijvoorbeeld geen onderscheid gemaakt tussen verschillende regio’s met verschillende zelfdodingsgraden, noch tussen de verschillende teeltsystemen waarin Bt-katoen wordt toegepast. Bovendien sluiten de auteurs helemaal niet uit dat de zelfdodingsgraad aan Bt-katoenteelt kan worden gelinkt.

Een nieuwe studie5 van de Universiteit van California (VS) wijst terecht op het grote verschil tussen geïrrigeerde en niet-geïrrigeerde katoenteelt. Bij geïrrigeerd katoen is de ernstige aantasting door de pink bollworm eigenlijk het gevolg van intensivering door de irrigatie. Katoentelers zijn er immers niet meer afhankelijk van het moessonregenseizoen (begint normaal in juni) en kunnen daardoor vroeger beginnen planten waardoor de teeltcyclus samenvalt met de levenscyclus van de pink bollworm. Bij niet-geïrrigeerde katoenteelt hebben traditionele variëteiten nauwelijks last van plagen maar genereerde de introductie van Bt-katoen lagere, en meer variabele opbrengsten in vergelijking met geïrrigeerde katoenteelt.

De onderzoekers stelden vast dat bij de niet-geïrrigeerde katoen, in de armste staten in het zuiden er een onomstotelijke correlatie bestaat tussen het aantal zelfdodingen bij landbouwers en de teeltoppervlakte aan niet-geïrrigeerd Bt-katoen. De stijging in zelfdodingen bij landbouwers in de periode 1997-2007 is ook proportioneel sterker in de staten met de meeste niet-geïrrigeerde Bt-katoen (Maharashtra en Andhra Pradesh). De meeste studies die wijzen op de voordelige economische effecten van Bt-katoen maken een vergelijking met conventioneel katoen1,2,3,6,9, maar maken daarbij geen onderscheid tussen traditionele, niet-hybride variëteiten en hybride variëteiten (die misschien door meer welvarende telers worden aangewend), noch tussen geïrrigeerde en niet-geïrrigeerde systemen. Ook wordt vaak eenzijdig gekeken naar economische effecten2,7,9. Ecologische externaliteiten (toename van andere insectenplagen, resistentie van de pink bollworm, afnemende agrobiodiversiteit) worden in dergelijke studies steevast terzijde gelaten. Bovendien zijn de studies meestal enkel gericht op de staat Maharashtra2,3,6,9.

Het recente onderzoek5 is vernieuwend omdat het als eerste een agro-ecologische analyse maakt van de Indische Bt-katoenteelt die helder aantoont dat de Bt-technologie beter geschikt is voor intensieve, geïrrigeerde systemen en het daar een probleem oplost (pink bollworm) dat het systeem zelf heeft veroorzaakt, maar in niet-geïrrigeerde systemen de vaak variabele meeropbrengsten niet opwegen tegen de hoge kost van zaaigoed en bestrijdingsmiddelen, en er een link is tussen de oppervlakte aan Bt-katoen in staten met niet-geïrrigeerde katoenteelt en zelfdodingscijfers bij landbouwers. Zoals in vele onderzoeken naar de socio-economische, gezondheids- of milieu-impact van technologieën wordt ook in deze recente studie een statistisch eerder dan een oorzakelijk verband tussen de technologie (in dit geval Bt-katoen) en de zelfdodingscijfers blootgelegd. Statistische verbanden ondersteunen alleszins het inroepen van het voorzorgsprincipe. Eenzelfde correlatie doet zich bijvoorbeeld voor tussen de nabijheid van wonen onder hoogspanningskabels (en dus onder elektromagnetische velden) en leukemie bij kinderen. Hoewel een oorzakelijk verband nog niet kon worden aangetoond, houdt de Vlaamse overheid wel degelijk rekening met hoogspanningskabels bij de inplanning van woonbuurten. De nieuwe studie over zelfdodingen bij Indiase boeren luidt bij beleidsmakers dan hopelijk ook een gelijkaardige alarmbel. Ze illustreert hoe arme landbouwers in Indië zeer waarschijnlijk nood hebben aan, en baat hebben bij een ander type innovatie dan Bt-technologie. Die houden een herwaardering van traditionele katoengewassen in, geïntegreerde gewasbescherming, een mengteelt met agro-biodiverse voedingsgewassen, meer open toegang tot zaden (ook van traditionele gewassen en variëteiten) en de integratie van kleine telers in lokale landbouwmarkten.

 

Referenties

  1. Ali, A. & Abdulai, A. (2010). The adoption of genetically modified cotton and poverty reduction in Pakistan. Journal of Agricultural Economy, 61, 175–192.
  2. Bennett, R., Ismael, Y., Kambhampati, U. & Morse, U. (2004). Economic impact of genetically modified cotton in India. AgBioForum, 7, 96–100.
  3. Bennett, R., Kambhampati, U., Morse, S. & Ismael, Y. (2006). Farm-level economic performance of genetically modified cotton in Maharashtra, India. Review of Agricultural Economy, 28, 59–71.
  4. Gruère, G. & Sengupta, D. (2011). Bt Cotton and Farmer Suicides in India: An Evidence-based Assessment. Journal of Develoment Studies, 47(2), 316-337.
  5. Gutierrez, A.P, Ponti, L., Herren, H., Baumgärtner, J. & Kenmore, P.E. (2015). Deconstructing Indian cotton: weather, yields, and suicides. Environmental Sciences Europe, 27,12.
  6. Morse, S., Bennett, R. & Ismael, Y. (2007). Inequality and GM crops: A case-study of Bt cotton in India. AgBioForum, 10, 44–50.
  7. Qaim, M. (2009). The economics of genetically modified crops. Annual Review of Resource Economics, 1, 665–693.
  8. Sadashivappa, P. & Qaim, M. (2009). Bt cotton in India: Development of benefits and the role of government seed price interventions. AgBioForum, 12, 172-183.
  9. Subramanian, A. & Qaim, M. (2010). The impact of Bt cotton on poor households in rural India. Journal of Development Studies, 46, 295–311.

 

Read 2912 times Last modified on %PM, %13 %627 %2015 %14:%dec
Wouter Vanhove

 

Wouter Vanhove is onderzoeker aan het Labo Tropische en Subtropische Landbouw en Etnobotanie, Vakgroep Plantaardige Productie, Universiteit Gent. Hij is tevens voorzitter van Groen Gent en voorzitter van de Europawerkgroep van Groen.

 

Doneer

Wil je Oikos steunen als onafhankelijk platform? Dan kan door een bijdrage – groot of klein - te storten op BE29 0015 9877 0164 (BIC: GEBA BE BB) van Oikos vzw.

Over Oikos

Oikos wil een toonaangevend forum zijn voor de sociaal-ecologische tegenstroom. Oikos vertrekt vanuit de analyse dat het gangbare economische model ecologisch niet duurzaam is, en dat de emancipatie van velen in onze samenleving en de wereld nog lang niet voltooid is. Oikos behandelt alle dimensies van dit streven naar verandering: de onderliggende ethiek, de analyse van de bestaande toestand, de ontwikkeling van alternatieven en de politieke strategie.

Gratis proefnummer

Wil je graag een gratis proefnummer ontvangen van Oikos? Dat kan! Vul op deze pagina jouw gegevens in en wij sturen jou het laatste Oikos nummer als gratis proefnummer op.